IOS (Invordering van Onbetwiste Schulden): een nieuwe procedure met bijwerkingen



Paralegal

Sinds kort is het mogelijk onbetwiste facturen buitengerechtelijk te innen. We kondigden het u al aan in onze nieuwsbrief van 24 november 2015, maar sinds 2 juli 2016 is de wet hierover van kracht. De nieuwe procedure kreeg de naam IOS (Invordering van onbetwiste schulden). In deze bijdrage gaan we dieper in op de procedure, de voor- en nadelen en de risico’s ervan.

Waarom deze nieuwe procedure?

Het eerste doel van de wet (art. 1394/20-27 van het Gerechtelijk Wetboek) is de invordering van onbetwiste handelsschulden goedkoper, eenvoudiger en sneller te laten verlopen. Europa heeft dit bij richtlijn opgedragen aan alle lidstaten. Het tweede doel is de werklast bij de (griffies van de) rechtbanken van koophandel te verminderen.

Toepassingsgebied

De procedure kan worden gebruikt als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
- De schuldvordering is onbetwist, vaststaand en opeisbaar op de dag van aanmaning.
- Het gaat om de vordering van een geldsom.
- Zowel de schuldeiser als de schuldenaar zijn ondernemingen ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen en de schuld vloeit voort uit handelingen die verricht zijn in het kader van de activiteit van die ondernemingen (B2B).

Het gebruik van de procedure is uitgesloten:
- Voor vorderingen of schulden van particulieren en publieke overheden.
- Bij faillissement, gerechtelijke reorganisatie, collectieve schuldenregeling en andere vormen van wettelijke samenloop.
- Voor invordering van niet-contractuele schuldvorderingen, tenzij deze (a) het voorwerp uitmaken van een overeenkomst tussen schuldeiser en schuldenaar of van een schuldbekentenis, of (b) betrekking hebben op schulden uit hoofde van gemeenschappelijke eigendom van goederen.

Hoe verloopt de procedure?

IOS vereist de tussenkomst van een advocaat en een gerechtsdeurwaarder en verloopt in vijf stappen.

Stap 1: De advocaat van de schuldeiser beoordeelt of aan alle voorwaarden is voldaan en geeft instructies aan de gerechtsdeurwaarder om de procedure op te starten. De gerechtsdeurwaarder betekent de aanmaning aan de schuldenaar, samen met een kopie van de bewijsstukken en een reactieformulier.

Stap 2: De schuldenaar heeft een maand de tijd om in handen van de gerechtsdeurwaarder
- ofwel de volledige som te betalen;
- ofwel betalingsfaciliteiten aan te vragen (via het reactieformulier);
- ofwel de schuld (geheel of gedeeltelijk) gemotiveerd te betwisten (via het
reactieformulier).

Stap 3: De invorderingsprocedure stopt voor de schulden die zijn betaald of die betwist worden.

Stap 4: Als de schuldenaar niet tijdig betaalt en de schulden niet betwist, of als er geen akkoord is over de gevraagde betalingsfaciliteiten, dan stelt de gerechtsdeurwaarder een proces-verbaal op. Dit kan ten vroegste acht dagen nadat de termijn van één maand verstreken is.

Stap 5: Op vraag van de gerechtsdeurwaarder verklaart een magistraat het proces-verbaal uitvoerbaar en kan de gerechtsdeurwaarder de gedwongen uitvoering starten.

Evaluatie

Zelfs nadat alle stappen doorlopen zijn, ongeveer anderhalve maand na de start, kan de schuldenaar de uitvoering nog steeds schorsen. Hij kan dit doen door toch nog een betwisting aan de rechtbank van koophandel voor te leggen of door de uitvoering aan te vechten bij de beslagrechter. Dit maakt het resultaat van de procedure onzeker en is er het voornaamste nadeel van.

Andere nadelen zijn:
- Interesten en schadebeding zijn beperkt tot 10% van de hoofdsom. De schuldeiser verliest zijn aanspraken op hogere vergoedingen.
- Er is geen rechtsplegingsvergoeding (dus geen forfaitaire tegemoetkoming in de advocatenkosten).
- De schuldenaar moet de betwisting motiveren, maar de gerechtsdeurwaarder mag de ernst hiervan niet beoordelen.
- Bij betwisting moet er toch gedagvaard worden.

Het enige voordeel is dat IOS bij niet-betwisting (misschien) sneller en goedkoper is.

Mogelijke risico’s

De rechtbanken van koophandel willen het gebruik van de nieuwe procedure stimuleren. Sommige rechtbanken doen dit door de schuldeiser die voor een onbetwiste vordering de klassieke procedure gebruikt te veroordelen tot de gedingkosten. Een dergelijke sanctie is niet in de wet voorzien. De alternatieve procedure bestaat naast de klassieke en vervangt deze niet.
De Orde van Vlaamse Balies publiceerde een nota met elf middelen en argumenten die de onwettigheid van de houding van de rechtbanken aantonen. De stafhouder van de Brugse balie hekelde IOS in de Juristenkrant van 12 oktober 2016 (nr. 335). Het valt af te wachten hoe deze strijd uiteindelijk zal worden beslecht.

Nu al is duidelijk dat de nieuwe procedure geen wondermiddel is en ongewenste bijwerkingen heeft.