De hervormingen in het ondernemingsrecht zitten op kruissnelheid: mis de start niet



Lawyer - partner

Het vennootschaps- en verenigingsrecht is volop in evolutie, dat zal niemand in de juridische wereld en ver daarbuiten zijn ontgaan. De rollercoaster waarop de minister van Justitie lijkt te zitten, zit specifiek voor het ondernemingsrecht op kruissnelheid. Het idee achter de geplande wetswijzigingen is eenvoudig: de Belgische ondernemingen moeten een modern, aangepast en efficiënt wettelijk kader krijgen. In deze bijdrage geven we een eerste overzicht van de ingrijpende hervormingsplannen in het ondernemingsrecht. Sommige plannen zijn al wat verder gevorderd dan andere. Maar één ding staat vast: het ondernemingsrecht zoals we het kenden is niet meer.

1. Iedereen ondernemer ...

… of toch zo goed als. Iedere natuurlijke persoon die zelfstandig een beroepsactiviteit uitoefent, elke rechtspersoon, maar ook een andere organisatie zonder rechtspersoonlijkheid – denk maar aan een maatschap – wordt binnenkort een onderneming. Ook het onderscheid tussen burgerlijke en handelsvennootschappen zal verdwijnen. Zeg dus binnenkort niet meer ‘handelaar’ of ‘koopman’, maar wel ‘onderneming’.

Het streefdoel is duidelijk: zo veel mogelijk uniforme regels voor iedereen die economisch actief is, enkele uitzonderingen daargelaten. Elke advocaat, architect, accountant, dokter ... maar ook elke landbouwer en vzw wordt een onderneming. Volgens de minister van Justitie zal dit het aantal ondernemingen in ons land met één miljoen doen stijgen.

Een groot stuk van de volledige economische wetgeving zal op al die ondernemingen van toepassing worden. Denk maar aan de inschrijvingsplicht in de KBO, boekhoudverplichtingen, insolventierecht, enzovoort. En al deze ondernemingen zullen bij een geschil terechtkunnen – of beter gezegd moeten – bij dezelfde rechtbank: de rechtbank van koophandel, die herdoopt zal worden tot de ondernemingsrechtbank.

We volgen de wettelijke evoluties in dit verband verder voor u op.

(Voorontwerp van wet over de hervorming van het ondernemingsrecht, goedgekeurd op de federale ministerraad op 20 juli 2017)

2. Elke onderneming kan failliet worden verklaard …

… of kan een gerechtelijke reorganisatie (WCO) aanvragen. Dit geldt vanaf 1 mei 2018 voor iedere persoon of organisatie die door het leven gaat als ‘onderneming’, dus ook voor een vzw, een beoefenaar van een vrij beroep of een burgerlijke maatschap.

Er komt ook een nieuwe aansprakelijkheidsvordering voor de curator tegen bestuurders wanneer een onderneming wordt voortgezet terwijl er kennelijk geen redelijk vooruitzicht was om de onderneming of haar activiteiten te behouden en een faillissement te vermijden. Het Angelsaksische concept wrongful trading krijgt hiermee een eigen wettelijke basis in België.
In een volgende nieuwsbrief gaan we uitgebreid in op deze en andere wijzigingen aan het insolventierecht.

(Wet houdende invoeging van het boek XX ‘Insolventie van ondernemingen’ in het Wetboek van economisch recht, en houdende invoeging van de definities eigen aan boek XX en van de rechtshandhavingsbepalingen eigen aan boek XX, in boek I van het Wetboek van economisch recht van 11 augustus 2017, B.S. 11 september 2017)

3. Tabula rasa in het vennootschapsrecht …

… of toch minstens ingrijpende wijzigingen. Het plan is om het huidige Wetboek van vennootschappen integraal te vervangen door een nieuw wetboek, dat het recht voor de vennootschappen en voor de verenigingen en stichtingen zal bundelen. Ook verenigingen en stichtingen worden ondernemingen en zullen, als ze dat wensen, net zoals vennootschappen onbeperkt winstgevende en economische activiteiten mogen uitoefenen.

Er komt een drastische vermindering van het aantal vennootschapsvormen. Van de huidige twaalf ‘Belgische’ vennootschapsvormen zullen we evolueren naar vier basisvormen: (1) de maatschap, (2) de besloten vennootschap (BV), (3) de naamloze vennootschap (NV) en (4) de coöperatieve vennootschap (CV). In werkelijkheid zullen er in de toekomst meer dan vier vennootschapsvormen overblijven door de variatiemogelijkheden op de maatschap, met ook het behoud van de vennootschap onder firma en commanditaire vennootschap, en de mogelijkheid tot erkenning als landbouwvennootschap. Elke overblijvende vennootschapsvorm krijgt grotendeels zijn eigen wettelijke regels. Bij de verenigingen verdwijnt enkel de beroepsvereniging als aparte verschijningsvorm.

Het wordt mogelijk om een NV met slechts één aandeelhouder op te richten en te laten besturen door één enkele bestuurder, die ontslagbescherming kan krijgen. Het directiecomité houdt op te bestaan.

De meeste evoluties komen er binnen de BVBA, die niet alleen inhoudelijk maar ook qua benaming volledig vernieuwd wordt. Welkom aan de BV, de besloten vennootschap, die de natuurlijke rechtsvorm moet worden voor de meeste ondernemingen. Vaarwel aan de S-BVBA (starters-BVBA) en de eenpersoons-BVBA. Weg met de minimumkapitaalvereiste binnen de BV, maar opgelet: de vereiste van toereikend vermogen, zowel bij opstart als erna, blijft overeind en zal leiden tot een verruimde aansprakelijkheid voor de bestuurders.

Naast de structurele aanpassing van het vennootschaps- en verenigingsrecht zal het komende wetboek – zoals het er nu naar uitziet – op vele vlakken ook inhoudelijk drastisch wijzigen. Het zal duidelijkheid (willen) scheppen over nu bestaande onzekerheden en een helder wettelijk kader bieden aan vennootschappen en verenigingen.

Zodra het wetgevend proces op dit vlak verder gevorderd is, berichten we u hierover concreet verder in onze nieuwsbrief.

(Voorontwerp van wet tot invoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen en houdende diverse bepalingen, goedgekeurd op de federale ministerraad op 20 juli 2017)

Een uitgebreide bijdrage van Mr. Vanessa Ramon over dit ontwerp verschijnt binnenkort in het tijdschrift In Foro, een uitgave van de Unie der Rechters in Handelszaken van België/Union des Juges Consulaires de Belgique (URHB-UJCB).