Uw (onder)aannemer heeft sociale en/of fiscale schulden? Gedeeltelijke inhouding van de factuur verplicht



Avocat

Elke professionele bouwheer of aannemer die werken laat uitvoeren door een (onder)aannemer is onder bepaalde voorwaarden verplicht een gedeelte van het verschuldigde bedrag in te houden als de (onder)aannemer sociale of fiscale schulden heeft. Bij de betaling van de werken – geheel of gedeeltelijk – moet een professionele bouwheer of aannemer steeds nagaan of de (onder)aannemer op dat ogenblik sociale of fiscale schulden heeft. Het speelt daarbij geen rol meer of de (onder)aannemer al dan niet geregistreerd is. Op het niet navolgen van deze reglementering staan strenge sancties voor de opdrachtgever van de werken. Hieronder zetten we de krachtlijnen op een rijtje.

Welke wetten zijn van kracht?
 
De inhoudingsplicht voor sociale schulden wordt geregeld in artikel 30bis van de wet van 27 juni 1969. De reglementering over de inhouding voor fiscale schulden is vastgelegd in artikelen 402 en 403 van het Wetboek Inkomstenbelastingen.
 
Voor wie geldt de inhoudingsplicht?
 
De inhoudingsplicht is van toepassing op elke professionele bouwheer of aannemer die in het kader van zijn of haar beroepsactiviteit een (onder)aannemer onroerende werken laat uitvoeren. Ze geldt zelfs als deze werken zowel een privaat als een professioneel karakter hebben, met andere woorden zodra ze niet exclusief private doeleinden dienen. Onroerende werken zijn: het bouwen, verbouwen, afwerken, inrichten, herstellen, onderhouden, reinigen of afbreken van een onroerend goed of een gedeelte daarvan. Ook het leveren van een roerend goed dat meteen geïncorporeerd wordt in een onroerend goed (bijvoorbeeld de installatie van een keuken) valt hieronder.
 
Sinds kort vallen ook andere diensten, die echter geen verband houden met bouwen en verbouwen (met name poets- en onderhoudsfirma’s, bewakingsfirma’s en bedrijven uit de vleesverwerkende sector) eveneens onder de reglementering over de inhoudingsplicht.
 
De inhoudingsplicht geldt ook voor aannemers ten aanzien van hun eigen onderaannemers (ook al is de aannemer niet de oorspronkelijke bouwheer of opdrachtgever).
 
Als de werken enkel voor privédoeleinden dienen, hoeft men met deze reglementering geen rekening te houden.
 
Wat houdt de inhoudingsplicht in?
 
- Als uw (onder)aannemer op het ogenblik dat u zijn factuur betaalt schulden heeft bij de RSZ, moet u 35% van het factuurbedrag excl. btw inhouden en doorstorten aan de RSZ.
- Heeft de (onder)aannemer fiscale schulden, dan moet u 15% van het factuurbedrag excl. btw inhouden en doorstorten aan de FOD Financiën.
 
Hoe weet u of een inhouding nodig is?
 
Op de website www.socialsecurity.be staat een online tool waarmee u via het ondernemingsnummer van de aannemer kunt nagaan of hij onder deze regelgeving valt en of u de inhouding al dan niet moet verrichten.
 
De consultatie voor sociale schulden geeft drie mogelijke resultaten weer:
 
- Geen gegevens bekend bij de RSZ’: geen inhouding nodig.
- Toestand sociale zekerheid OK’: geen inhouding nodig.
- Inhoudingsplicht: u moet 35% excl. btw inhouden op de betaling van de factuur. Met de online tool kunt u de betaling aan de RSZ al voorbereiden.
 
Bij het opzoeken van de fiscale schulden zijn de volgende resultaten mogelijk:
 
- Onderneming niet opgenomen als hebbende activiteiten in de bouwsector:
       - Er dient geen inhouding te gebeuren als de specifiek verrichte activiteiten niet onder het toepassingsgebied van de wet vallen.
       - Vallen ze mogelijk wel onder de inhoudingsplicht, dan moet u aan de (onder)aannemer een attest opvragen waarin de fiscus aangeeft of er een schuld openstaat en voor welk bedrag.
 
- Onderneming niet gekend: als de werkzaamheden onder het toepassingsgebied van de inhoudingsplicht vallen, moet u handelen alsof er een inhoudingsplicht is (zie hieronder).
 
- Inhoudingsplicht: ja:
       - Als het te betalen bedrag lager is dan € 7143 excl. btw, is de inhouding en storting van 15% van de factuursom excl. btw automatisch verplicht.
       - Als het factuurbedrag hoger is, moet u bij de (onder)aannemer een attest van de fiscus opvragen dat het bedrag van zijn schuld vermeldt. Enkel als de schuld op dit attest kleiner is dan de in principe uit te voeren inhouding, kan de storting worden beperkt tot het bedrag van de schuld.
 
- Inhoudingsplicht: neen: geen inhouding te verrichten.
 
Het is noodzakelijk om de fiscale en sociale toestand van uw (onder)aannemer telkens te controleren wanneer u een factuur betaalt. Het is ook aangewezen de resultaten van uw zoekopdracht op het ogenblik van betaling te printen en bij te houden, eventueel bij de factuur.
 
Wat zijn de sancties als u de inhoudingsplicht niet respecteert?
 
Als u als opdrachtgever nalaat de inhouding toe te passen op de factuur en deze door te storten, bent u hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de sociale en fiscale schulden van de (onder)aannemer. Dit betekent dat als de (onder)aannemer zijn sociale en/of fiscale schulden niet betaalt, u hiertoe eveneens kunt worden aangesproken. Deze aansprakelijkheid wordt echter slechts toegepast als de (onder)aannemer nalaat zijn schulden te betalen binnen dertig dagen na de betekening van een dwangbevel. Bovendien is de hoofdelijke aansprakelijkheid voor sociale schulden beperkt tot de totale prijs excl. btw van de werken die aan de (onder)aannemer zijn toevertrouwd.
Voor fiscale schulden van de (onder)aannemer is de hoofdelijke aansprakelijkheid van de opdrachtgever gelimiteerd tot 35% van de totale prijs excl. btw van de werken.
 
Naast de hoofdelijke aansprakelijkheid staat op het niet respecteren van de inhoudingsplicht bovendien een administratieve sanctie. Die houdt in dat u bovenop het verschuldigde bedrag nog eens hetzelfde bedrag als boete moet betalen.