Beperking aansprakelijkheid in architectenovereenkomsten ongeldig verklaard



In geval van een gebrekkige bouwconstructie komt het vaak voor dat zowel de architect als de uitvoerende aannemer, elk voor een deel van de schade, aansprakelijk geacht worden. Indien deze fouten allebei de schade hebben veroorzaakt (een samenlopende fout), kan de bouwheer de rechtbank verzoeken om de aannemer en architect in solidum te veroordelen tot vergoeding van de schade. Concreet betekent dit dat, hoewel in beginsel elk slechts voor een gedeelte van de volledige schade aansprakelijk is, de schadelijder zowel van de aannemer als van de architect de integrale betaling van zijn schade kan vragen.

Om hieraan te ontsnappen, wordt in de overeenkomst tussen de architect en de bouwheer, de in solidum-gehoudenheid met de aannemer vaak uitdrukkelijk uitgesloten. Bijgevolg, indien de architect en aannemer veroordeeld worden, kan de bouwheer (als medecontract) van de architect diens aandeel in de schade opeisen. Indien dan bijvoorbeeld de aannemer insolvabel blijkt, kan zijn aandeel in de schade niet gerecupereerd worden via de architect (of diens verzekeraar).

Na jarenlange onzekerheid omtrent de geldigheid van dergelijke clausule, heeft het Hof van Cassatie in haar arrest van 5 september 2014 beslist dat dit beding strijdig is met de openbare orde. Deze strijdigheid is er evenwel enkel indien het gebrek een ‘stabiliteitsbedreigend’ gebrek is. Sinds dit arrest is de contractuele uitsluiting van de in solidum-gehoudenheid bijgevolg enkel nog mogelijk voor bouwgebreken die niet de stabiliteit van het gebouw kunnen veroorzaken.

Het lijkt er wel op dat het laatste woord hierover nog niet gezegd is. De Raad van State oordeelde immers op haar beurt in een arrest van 22 oktober 2013 dat de in solidum-gehoudenheid van aannemer en architect de onafhankelijkheid van de architect kan aantasten. Wanneer immers de architect mee in solidum moet instaan voor de fouten van de aannemer, zal mogelijks de neiging bestaan om die fouten toe te dekken (wat botst met de controleplicht van de architect).

Het debat omtrent de geldigheid van deze bedingen zal vermoedelijk aldus nog worden vervolgd…