Aanbestedende overheid kan eisen dat wettelijk minimumloon wordt betaald



In een recent arrest (HvJ EU 17 november 2015, C-115/14) diende het Europees Hof van Justitie zich uit te spreken over de vraag of wettelijk kan worden bepaald dat een inschrijver op een overheidsopdracht een verklaring moet afleggen dat zijn werknemers (of deze van zijn onderaannemers) het wettelijk minimumloon zullen betaald worden.

Hoewel deze vereiste volgens het Hof een extra economische last vormt die het verrichten van prestaties in een andere lidstaat kan belemmeren, dan wel minder aantrekkelijk kan maken en dus het vrij verkeer van diensten beperkt, besluit het Hof niettemin dat dit een gerechtvaardigde beperking is.

Uit het arrest volgt evenwel dat een aanbestedende overheid een minimumloon kan afdwingen wanneer (i) dat minimumloon in een wettelijke bepaling is vastgelegd en (ii) de loonvoorwaarde beperkt blijft tot de uitvoering van de overheidsopdracht in kwestie. In een eerder arrest had het Hof een gelijkaardige problematiek nog negatief beoordeeld, onder meer omdat de verplichting (enkel) in een collectieve arbeidsovereenkomst was opgenomen die enkel gold voor de bouwsector (HvJ EU 3 april 2008, C-346/06, arrest Rüffert,).

Het arrest dat bekend staat als het RegioPost-arrest geldt als een belangrijke leidraad bij de interpretatie van de mogelijke sociale verplichtingen, nl. de bescherming van werknemers, die kunnen worden opgelegd bij (Europese) overheidsopdrachten.