Verplichte aansprakelijkheidsverzekering voor aannemers




Bij wet van 31 mei 2017 worden aannemers (en andere dienstverleners in de bouwsector, zoals studiebureaus) vanaf 1 juli 2018 verplicht om zich te verzekeren voor hun tienjarige aansprakelijkheid. Deze aansprakelijkheid volgt uit de artikelen 1792 en 2270 van het Burgerlijk Wetboek en heeft betrekking op stabiliteitsgebreken. Voorheen waren enkel architecten verplicht om zich hiervoor te verzekeren.

Voor de bouwheer is dit een goede zaak: tien jaar is een lange periode, waarin de aannemer failliet kan gaan of onvermogend kan worden. De verplichte verzekering zal dit risico ondervangen.

De verzekeringsplicht geldt evenwel enkel voor woningbouw (gebouw of gedeelte van een gebouw uitsluitend of hoofdzakelijk bestemd voor bewoning) waarvoor de tussenkomst van een architect vereist is. De tussenkomst beperkt zich bovendien tot gebreken in de soliditeit, stabiliteit en waterdichtheid van de gesloten ruwbouw. Verborgen gebreken zonder stabiliteitsgevaar, die nog steeds het grootste gedeelte van de schadegevallen in de bouwsector uitmaken, vallen dus buiten de verplichte verzekering, net als schade aan derden. De verplichte dekking is ten slotte gelimiteerd tot de waarde om de woning terug op te bouwen, met een plafond van 500.000 EUR.