De rechtsbijstandsverzekering: een investering met meerwaarde



Pieterjan Persyn
Lawyer

Iedereen kent de klassieke verzekeringspolissen: meer dan waarschijnlijk is uw burgerlijke aansprakelijkheid zowel professioneel (uitbating) als privé (familiale) verzekerd, uw gebouw heeft een brandverzekering, uw voertuig moet verzekerd zijn voor aansprakelijkheid, wellicht hebt u een of meerdere persoonsverzekeringen (ongevallen-, hospitalisatie-, levensverzekering …).
Een wat minder gekende, maar zeker niet minder belangrijke polis is de rechtsbijstandsverzekering. Op initiatief van minister van Justitie Geens wordt het bestaande systeem binnenkort hervormd. Een goede gelegenheid om hier de basisprincipes kort in herinnering te brengen.

Het bestaande kader

De rechtsbijstandsverzekeraar voorziet in eerste instantie zelf in juridische bijstand en dekt - zo nodig - vervolgens de kosten van een gerechtelijke procedure, weliswaar tot een bepaald plafond. De wet garandeert hierbij voor de verzekerde de vrije keuze van advocaat, die in geval van discussie advies mag geven over de slaagkansen van een gerechtelijke procedure. Het is geen geheim dat procederen - helaas - een dure aangelegenheid is. Het kan dan ook een wijze investering zijn om dit risico in te dekken via een verzekering.

Het is onze ervaring dat een goede dekking in rechtsbijstand een absolute meerwaarde vormt. Een significant en vrij constant aantal dossiers, die anders misschien nooit opgelost zouden raken vanuit een kosten-batenoverweging of minstens een financiële aderlating zouden zijn, worden dankzij de rechtsbijstandsverzekeraar beslecht.

Buitencontractuele aansprakelijkheid

De meest voorkomende vorm van rechtsbijstand betreft geschillen van buitencontractuele aansprakelijkheid, d.w.z. al dan niet accidenteel veroorzaakte schade, los van enige overeenkomst. Wellicht beschikt u momenteel al over een dergelijke polis in combinatie met uw (wettelijk verplichte) autoverzekering, uw familiale of brandverzekering. Als u - opzettelijk of onopzettelijk - het slachtoffer of de veroorzaker zou worden van een ongeval of schadegeval, zullen de advocaten- en procedurekosten voor het verhalen van uw schade ten laste worden genomen door de rechtsbijstandsverzekeraar. Niet onbelangrijk daarbij is dat ook de expertisekosten (technische bijstand, gerechtsdeskundige) gedekt worden. Sommige polissen voorzien in een aanvullende dekking tegen onvermogen van de aansprakelijke. In bepaalde omstandigheden (de aansprakelijke is onvermogend) zal de verzekeraar zelf een vergoeding uitkeren.

Strafrechtelijke verdediging

Nauw verbonden met de buitencontractuele aansprakelijkheid is de strafrechtelijke verdediging. Het meest voor de hand liggen verkeersovertredingen. Als u wordt gedagvaard om voor de politierechtbank te verschijnen, zal de rechtsbijstandsverzekeraar de advocaten- en gerechtskosten ten laste nemen. De geldboete blijft uiteraard voor uw eigen rekening. Ook de strafrechtelijke verdediging voor de correctionele rechtbank zal in bepaalde gevallen ten laste worden genomen.

Contractuele geschillen

Over het algemeen minder courant is de dekking voor contractuele geschillen. De reden daarvoor ligt voor de hand: in vergelijking met buitencontractuele dossiers komen contractuele geschillen veel vaker voor, in een enorm divers spectrum aan materies (huurgeschillen, bouwgeschillen, contractenrecht, arbeidsrecht, familierecht …). De procedures zijn duur, en soms voorzienbaar of vermijdbaar. Ook deze risico’s komen voor dekking in aanmerking, maar meestal betreft dit specifiek en bijkomend afgesloten polissen. De verzekeringnemer kan een particulier, maar ook een onderneming zijn; vooral in dat laatste geval zijn de polissen maatwerk. Hoe dan ook (particulier of onderneming) zullen specifieke, restrictieve voorwaarden voorzien zijn, gekoppeld aan een relatief beperkt dekkingsplafond. Buitencontractueel zijn eveneens dekkingsplafonds voorzien, maar het is eerder uitzonderlijk dat deze worden bereikt.

Een nieuwe wind voor particulieren

Het systeem van rechtsbijstandsverzekering wordt binnenkort hervormd. De minister van Justitie wil vooral de financiële drempel naar juridische bijstand en procedure verlagen. Het is een oud zeer dat de voorwaarden om in aanmerking te komen voor “Pro Deo” bijstand erg restrictief zijn. Rechtszoekenden met een gemiddeld tot laaggemiddeld inkomen vallen uit de boot en vinden (te) weinig de weg naar de bestaande polissen rechtsbijstand die een alternatief zouden kunnen bieden.
De nieuwe vorm van rechtsbijstandsverzekering die in de steigers staat, zal voorzien in een fiscaal voordelige polis die - weliswaar onder strikte voorwaarden en met dekkingsplafonds - een breed gamma aan procedurerisico’s dekt (waaronder huur, koop, bouwgeschillen, consumentenrecht, faillissement, personen- en familierecht, strafrecht, administratief recht …). Voor alle duidelijkheid: het betreft hier dekking voor particulieren voor geschillen in het privéleven. Zelfstandigen en ondernemingen kunnen niet instappen in dit nieuwe systeem.

Hieraan gekoppeld wordt een systeem van conventionering voorzien: er wordt een forfaitaire nomenclatuur opgelegd op basis waarvan de aangestelde advocaat zijn prestaties en kosten aanrekent aan de verzekeraar. Belangrijk is dat de vrije keuze van raadsman gewaarborgd blijft: ook advocaten die zich niet conventioneren, kunnen worden aangesteld, maar in dat geval zou ligt het dekkingsplafond de helft lager liggen. Wanneer het dekkingsplafond zou worden bereikt (zowel bij geconventioneerde als bij niet-geconventioneerde advocaten) dient de verzekerde zelf verder in te staan voor de kosten.

Het spreekt voor zich dat het idee van een forfaitaire nomenclatuur voorwerp is van veel debat: geen twee dossiers zijn hetzelfde, en gelijke prijzen garanderen geen gelijke kwaliteit – wel in tegendeel. De vraag is ook of het relatief beperkte aantal ‘uitgebreide’ polissen rechtsbijstand bij particulieren op heden het gevolg is van de kostprijs (waaraan men tegemoet wil komen via de gedeeltelijke fiscale aftrekbaarheid van de premies), dan wel gewoon van een gebrek aan bekendheid en zichtbaarheid. Wat dat laatste betreft, dragen we bij deze ons steentje bij.